Er was eens lang lang geleden… (het sprookje over de Fobie)

Er was eens lang lang geleden een klein meisje. Een heerlijke flierefluiter. Blauwe ogen, sproetjes op en om haar neus en prachtig rood haar. Ze was altijd vrolijk. Enorm nieuwsgierig. Vol bravoure. Het meisje huppelde letterlijk door het leven. Danste en zong iedere dag. De wereld lag aan haar voeten. Maar er lag tegenspoed op de loer. Een gitzwarte, verstikkende, zwarte wolk. Want dit heerlijke meisje zal later als volwassen vrouw gaan lijden aan emetofobie…

Huh?!? Emetofobie?!?… Nou okay het had ook agorafobie, mysofobie, carcinofobie of acrofobie kunnen zijn… Wat zijn dat nou weer voor een rare woorden?! Ach, gewoon een greep uit de tien meest voorkomende angsten.

Best logisch dat de gebroeders Grimm en collega’s hier geen sprookjes over geschreven hebben, toch?! Pretty Obvious dat zo’n woord niet voorkomt in alle waardevolle boodschappen die sprookjes ons geleerd hebben. Who the F komt er nou op die terminologie? Wat een dikke fail is dat, zeg! Want zoals ik al zei: enkel een greep uit de tien meest voorkomende mentale aandoeningen in deze wereld, of mindfucks zoals ik ze noem. Hoe briljant zou het zijn als deze ook eens in Jip & Janneke-taal meegegeven zouden worden aan de volwassenen van de toekomst.

Er is bij “hey het is okay” een campagne gestart ten behoeve van angststoornissen. Supergoed initiatief! Niet de reden dat ik dit schrijf. Daar komen we later op. Het bespreekbaar en herkenbaar maken van angststoornissen is belangrijk. Ten eerste omdat het taboe er af mag. Ten tweede om isolement te voorkomen. En ten derde zodat het onnodige schaamte weg haalt. En wat zelfs nog meer urgent is: dat iedereen hoort dàt en wàt er tegen te doen is. Je hoeft namelijk niet je leven te laten regeren door een fobie. Hoe we dat bereiken? Door van jongs af aan te leren hoe sterk je brein in staat is jou voor de gek te houden. En dus te leren hoe je jouw denken onderzoekt, bijstuurt en ombuigt.

Laten we het meisje uit bovenstaand sprookje als voorbeeld nemen. Het meisje dat transformeerde van vrolijke fluiter naar een graadmagere, doodsbange volwassen vrouw. Want dat is wat er gebeurde. Lekker idyllisch sprookje, he?! Disney eat your heart out! “Watsgeburt?”hoor ik je denken. Teveel om op te noemen, eerlijk gezegd. Dus laat ik de hoofdlijnen er voor nu uithalen. Emetofobie is een extreme angst voor overgeven. Klinkt als tijdsverspilling, he? Dat is het ook. Jammer genoeg had onze roodharige sproetenkop dat pas in de gaten op het moment dat ze van plan was voor een rijdende trein te gaan staan. Het enige dat ze nog hoefde te doen was onder de gesloten slagboom door kruipen… WTF?!?!? Dus omdat je bang bent om over te geven twijfel je om een einde aan je leven te maken?? Nogal hysterisch vind je ook niet? Jup. Absoluut. Vind ik ook. En toch is dat wat er gebeurde. Raar sprookje.

Ik verklaar het nader: Extreme angst voor overgeven start met bang zijn voor overgevende mensen. Wat zich uitbreidt in bang zijn zelf over te moeten geven. Wat zorgt dat je denkt “eet anders maar ekkes niet” (onder het motto wat er niet ingaat hoeft er ook niet uit). Wat maakt dat je kip of ijs of producten die over de datum zijn of gewoon al het eten in het buitenland vermijd, in geval van salmonella. Wat bij nog meer denkwerk je ook vis en alcohol laat skippen in verband met opstandige magen. Dan denk je jezelf zover dat je in iedere ruimte eerst wil weten waar een prullenbak staat, just in case. Om vervolgens dieren en mensen te gaan ontwijken voor het geval dat ze besmettelijke virussen of bacteriën met zich mee dragen. Wat dan weer zorgt voor geen treinen, bussen, andermans auto’s, theaters, supermarkten, verjaardagen en in the end alles wat buiten je eigen huis is. En de freak uit ons verhaal (want dat is hoe ze zich ondertussen is gaan voelen) is op dit punt, extra aangemoedigd door hormonen, al 12 kilo afgevallen. Terwijl ze zwanger is.

Haar denken is zo op hol geslagen dat ze van de ene paniek-piek in de volgende hyperventilatie-golf nauwelijks overeind weet te blijven. Van uur naar uur. Dag in, dag uit. Week op, week af,  maand na maand… Daar wil je wel ontzettend depressief van worden. Ik kan me best voor stellen dat je het leven dan meer dan beu bent. En alleen nog maar wil slapen.

Heftig, he? Niet heel sprookjes-waardig ook. En toch zijn er duizenden sprookjes die zo verlopen. En waar worden die verhalen verteld? Juist. Nergens.  Best raar. Juist omdat die vele verhaallijnen ook anders kunnen lopen.

Moeten we daarvoor in het (al dan niet traumatische) verleden graven? Kan. Hoeft niet.(Mag wel) Moeten we daarvoor jaren in therapie? Kan. Hoeft niet. (Mag wel). Moeten we daarvoor meer te weten komen over ons denken en die onder de loep nemen? ABSO-FUKKIN-LUTELY!! Want: welke gedachtegang werkt mee aan dit verloop? En dus vooral: welke gedachtegang voorkomt dit verloop? Het is te trainen. Dat is moeilijk. Dat kost tijd. Logisch ook, want hoelang heeft red-head zichzelf getraind om in paniek te raken? ….SJUUST… dus dan heb je ook even nodig dat weer om te buigen.

Wat enorm helpt is BEWEGING (voor de trouwe lezers onder ons, mocht je nu denken dat ik een fitgirl ben met mijn beweeg-fetisj: hahahahaha ow en HAHA, niet dus!). Als je in beweging bent, kom je uit je hoofd. En bij regelmatig bewegen blìjf je ook uit je hoofd. Als je in beweging bent ontspant je lijf. En als je in beweging bent verdrijf je angst. Daarnaast: onderzoek je gedachtes. Schrijf ze op. Weerleg ze. Daag ze uit. En buig ze om. Train jezelf. Leer jezelf betere, constructieve one-liners die je als een mantra blijft herhalen. Uiteindelijk zullen ze de destructieve gedachtes overnemen.

En last but not least: Zet je hulplijnen in. Personen bij wie je thuis bent. Personen bij wie je jezelf mag zijn. Personen die het juiste weten te zeggen. Of dat nou een professionele therapeut is of  een bekende. Zo komt jouw denken ook weer op andere gedachtes. Stap voor stap. Overwin steeds een klein beetje. Stretch. Zit je in dit specifieke sprookje, dan hoef je echt niet hardcore in een bejaardentehuis met een Noro-virus te gaan slapen om te overwinnen. Doe steeds iets wat je daarvoor niet durfde. Bewijs jouw brein dat de heftige waarschuwingsschoten (lees: paniekaanvallen) niet nodig zijn om je goed te laten reageren. Dat je juist zonder deze knallen relaxter door het leven gaat. Hoe relaxter je bent, hoe makkelijker je gedachtes om te smelten zijn. Het is hard werken en je kunt het!

Hoe het nu gaat met de vrouw uit het anti-Efteling verhaal?? Die eet. Die verlaat haar huis voor autoritjes, theaterbezoeken, boodschappen en feestjes. Die drinkt biertjes of wijn met gamba’s of andere tapas on the side. Die weet zelden waar een prullenbak staat. En dat alles zonder medicatie. Die beweegt veel, let op haar benodigde slaap. Die weet waar ze ultiem van ontspant, zodat paniek of hyperventilatie minder dan zelden nog boven komt. Ze heeft drie heerlijke flierefluiters of her own. Die ze bijstaat ten tijden van een virus met exorcist-isch kotsen als gevolg, verschoont de volle emmers, wrijft over hun ruggetjes en blijft heel de nacht bij ze zitten. Iets waarvan ze nòòit had verwacht dat òòit te kunnen. En die schrijft dit verhaal. Om de taboe te doorbreken. En om haar denken er aan te herinneren dat totale paniek, zelfs nu, niet nodig is. Nadat ze haar hulplijn had ingezet…

NB. Nu vraag je je misschien af “en dan toch werken als trainer/coach?! Ik zeg altijd maar zo: een tandarts kan kneitergoed zijn zonder ooit een gaatje of een wortelkanaalbehandeling te hebben gehad. En vanaf het moment dat hij zelf in die stoel gelegen heeft, weet hij des te beter hoe hij zijn patiënten kan helpen. pr

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.